
Gevaar in Antwerpen
Op 16 november sliep Pauw een nachtje in jeugdherberg “Jezuïetenhof” aan de Kolonielaan in Antwerpen. Rond het middaguur viel bom nummer 119 op het gebouw. Er waren tien doden en veertien gewonden.Het vervolg was ongelooflijk. Pauw lag tussen de doden toen een Amerikaanse ambulance arriveerde. In de wagen zat ook een Antwerps meisje van ongeveer 19 jaar. Zij zag dat Pauw bewoog. Even later deed hij zijn ogen open. Zijn gezicht was helemaal grijs van het puin.
Pauw was niet dood, zelfs niet ernstig gewond. Hij werd naar het ziekenhuis gebracht — het hospitaal, zoals de Belgen zeggen. De volgende dag kwam het meisje naar hem kijken. Op de afdeling vroegen ze haar om Pauw meteen mee naar huis te nemen. Hij hoefde niet langer te blijven. Sterker nog: ze wilden hem graag kwijt, want telkens als er weer een bom overkwam, dook Pauw onder zijn bed. Hij wist niet waar hij was. Hij had een balk op zijn hoofd gekregen, zijn been was gekwetst en hij had glaswonden.
De zuster gaf spullen mee om hem te verzorgen. Zo kwam Pauw terecht bij de familie Machielsen. Het meisje was namelijk Irene Machielsen, de dochter van de schouwburgdirecteur aan de Arenbergstraat. In dat huis mocht Pauw een tijdje blijven.
Wil je meer weten over de vele vliegende bommen (V1 en V2) die op Antwerpen neerkwamen, klik dan op de knop hieronder.